Hond - Inhoud
Het is aan te raden om uw hond elk jaar in te laten enten. Bij jonge honden gebeurt dit in het begin iets vaker. Dan worden ze op 6, 9 en 12 weken geënt. Dit om een goede immuniteit op te bouwen. Vervolgens kunnen ze elk jaar geënt worden.
Mocht u uw hond mee willen nemen naar het buitenland dan moet uw hond ingeënt zijn tegen hondsdolheid. Het is verstandig om met uw dierenarts te overleggen welke maatregelen u nog meer moet treffen in verband met de verschillende regels van elk land. Daarnaast kunt u ook kijken op www.licg.nl voor meer informatie over het reizen met honden.
Als uw op vakantie gaat en u neemt uw hond niet mee, dan kan het zijn dat uw hond naar het pension toe gaat. De meeste pensions stellen een inenting verplicht tegen kennelhoest. Kennelhoest is een besmettelijke keelontsteking die kan leiden tot longontsteking. Op plekken waar meerdere honden bij elkaar komen is de kans op besmetting met kennelhoest groot. Denk daarbij dus niet alleen aan pension, maar ook aan tentoonstellingen en hondenscholen. Weet u niet zeker of een enting nodig is bij uw hond dan mag u altijd even contact opnemen met de praktijk.
Met de stijgende temperaturen in het vooruitzicht maken we u er op attent dat de vlooienbestrijding nog meer aandacht verdient dan in de winterperiode. De ontwikkeling van de vlooien gaat met hogere temperaturen een stuk sneller en voordat u het in de gaten heeft is er een plaag uitgebroken. Dierenartsenpraktijk Tubbergen heeft diverse middelen voor uw huisdier of de omgeving om vlooien te doden of te voorkomen o.a. Advantage®, Frontline®, Pulvex® en Stronghold®.
Een voor honden levensgevaarlijke teek, die uit subtropische streken oprukt, heeft in ons land al aan drie trouwe viervoeters het leven gekost. De parasiet die door de Demacentorteek wordt overgebracht, veroorzaakt de ziekte babesiose, die zonder behandeling dodelijk is. In korte tijd zijn zeker 10 honden in Den Haag en Arnhem door de ziekte getroffen. In geen van die gevallen kon dit worden teruggeleid naar een verblijf in het buitenland. Honden lopen vooral de teken op in bossen en struikgewas.Een andere belangrijke ziekte die door teken wordt overgebracht is de ziekte van Lyme. Afdoende werkt een tekenband Scalibor ® Protector Band (dit is niet hetzelfde als een vlooienband!). Hierdoor kunnen de teken geen vat meer krijgen op uw hond en dus niet meer bijten. Een teek kunt u gemakkelijk verwijderen met een tekenpincet: deze over de teek heen zetten en zo eruit draaien.Niet verdoven met alcohol, want hierdoor braakt de teek zijn maaginhoud in de hond met alle gevolgen van dien. Vindt u het vervelend om een band te gebruiken, dan zijn er nog de Defendog ® Spray en de Pulvex® pipetten beschikbaar. Komt u vrijblijvend langs op de praktijk voor gratis informatie.
Het ontwormen van uw hond moet minimaal vier keer per jaar gebeuren. Wormen zijn veel voorkomend en uw hond kan er op verschillende plekken gemakkelijk mee besmet raken. Van bossen en uitlaatweides tot uw eigen tuin. Uw hond kan ook wormen op lopen via vlooien of door het eten van kleine knaagdieren en rauw vlees. Daarom is het verstandig, indien uw hond vlooien heeft, om naast het ontvlooien ook gelijk te ontwormen.
Bij honden is een worminfectie vaak niet zichtbaar. Een wormbesmetting onbehandeld laten kan uw hond irriteren en gezondheidsproblemen veroorzaken.
Sommige wormen die uw hond bij zich kan dragen, vormen ook een risico voor mensen. Met name kinderen lopen het risico op een besmetting wanneer ze in besmette zandbakken en parken spelen en daarna hun vingers in hun mond stoppen.
Wij volgen het ontwormingsschema dat geadviseerd wordt door de ESCCAP:
Het algemene advies voor alle volwassen honden en katten is vier keer per jaar te ontwormen. Zeg maar elk seizoen. Daarnaast zijn er situaties waarbij het belangrijk is om vaker te ontwormen.
- Voor families met (jonge) kinderen is het advies om elke maand te ontwormen.
- Pups ontwormen op 2, 4, 6 en 8 weken leeftijd. Daarna elke maand totdat de pup een half jaar is.
- Teef tegelijk met de zogende pups ontwormen.
- Honden die loslopen, waaronder jachthonden; elke 4 tot 6 weken ontwormen.
- Boerderijhonden elke maand ontwormen.
Op de praktijk hebben we verschillende ontwormingsmiddelen voor uw hond. Er zijn zeer smakelijke kauwtabletten verkrijgbaar, de meeste eten hem op als een beloning. Voor puppy's en kleine honden zijn er ook pasta's beschikbaar. Mocht u meer informatie willen over het ontwormen van uw hond dan mag u gerust contact opnemen met de praktijk.
Veel honden ouder dan drie jaar hebben gebitsproblemen. Dit wordt met name veroorzaakt door tandplak en tandsteen. Naarmate honden ouder worden groeit ook de kans op het ontstaan van tandvleesproblemen. Verwaarloosde gebitsproblemen kunnen ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid van honden, variërend van slechte adem tot verlies van tanden of zelfs ontstekingen in belangrijke organen. Veel eigenaren weten niet hoe het gebit van hun hond eruit ziet. Even ter verduidelijking; een slechte adem bij honden is niet normaal!
Regelmatige gebitsverzorging is nodig om bovengenoemde problemen te voorkomen. Tandsteen ontstaat langzaam en bestaat uit resten voedsel, neergeslagen zouten uit het speeksel en afgestorven bacterië n. Zowel honden als katten kunnen er problemen mee hebben. Voor de omgeving is het meest opvallende verschijnsel een onfrisse adem en een vies gebit. Tandsteen vormt zich vooral op de overgang van tand naar tandvlees. Het werkt zich als een wig onder het tandvlees. Het tandvlees raakt ontstoken en de wortels van tanden en kiezen komen bloot te liggen. Het gebit komt daardoor los te zitten. Door deze ontsteking in de mondholte gaat uw dier bovendien onaangenaam ruiken uit zijn bek. Ondanks al deze narigheden hebben de dieren meestal weinig problemen met kauwen, tenzij ook de grote scheurkiezen aangetast zijn. Soms kunnen bacteriën uit een ontstoken mond het lichaam binnendringen en via de bloedbaan elders klachten geven. Het is niet moeilijk om vast te stellen of uw dier last heeft van tandsteen. Ernstige gevallen verraden zich bijna altijd door een zeer slechte adem. Het is dus zaak het gebit van uw dier regelmatig aan een inspectie te onderwerpen. Let hierbij vooral op de hoektanden en de grote kiezen helemaal achterin de mond. Hier zit het eerste en het meeste tandsteen. U herkent dit als een bruine aanslag op het gebit. De enige manier van behandelen bestaat uit het verwijderen van het tandsteen. Bij onze huisdieren moet dit doorgaans onder verdoving gebeuren. Het is anders niet goed mogelijk om, vooral achterin, het gebit goed schoon te maken. Indien nodig geven we vooraf of er na een antibioticumkuur om de ontsteking van het tandvlees te genezen.
Als het gebit goed schoon is inspecteren we het gebit nauwkeurig op andere problemen. Rotte en loszittende elementen worden verwijderd. Na eventuele behandeling door de dierenarts kunt u thuis beginnen met de gebitsverzorging van uw huisdier. Als u wilt proberen te voorkomen dat uw huisdier tandsteen krijgt moet u goed op z'n voeding letten. Hoe zachter het voedsel is - blikvoer bijvoorbeeld- ,des te gemakkelijker het dier tandsteen krijgt. Zorg dus voor een soort voedsel dat uw dier dwingt tot kauwen, dit houdt het gebit in conditie. Op de praktijk zijn speciale brokken van het merk Royal Canin. Deze brokken gaan de omzetting van tandplaque in tandsteen tegen, bestrijden ontstekingen in de mond en helpen tegen een slechte adem. Door de grootte en structuur van de brokken wordt het gebit van uw hond als het ware gepoetst. Zo wordt de vorming van tandplaque , en dus ook tandsteen, voorkomen.
U kunt ook proberen om de tanden van uw dier te poetsen. Meestal laten ze dit na enige oefenen goed toe. Er zijn hiervoor inmiddels speciale tandpasta's en tandenborstels verkrijgbaar. Als u een pup heeft, wen deze dan meteen aan tandenpoetsen, dan heeft u later minder problemen.
Normaal gesproken is het voldoende als u drie tot vier maal per week het gebit van uw huisdier verzorgt. Een nieuwe ontwikkeling is de floskluif. Dit is een soort bot gemaakt van touw, waar uw hond spelenderwijs zijn gebit mee poetst. De meeste honden zijn hier dol op! Nog een mogelijkheid die u kan helpen het gebit schoon te houden is het 'masseren' van de wangen van uw dier. Na verloop van tijd went uw dier er aan. Ziet u ondanks alle voorzorgen toch tandsteen, neem dan contact op met uw dierenarts en overleg of een behandeling noodzakelijk is.
Het is belangrijk om pups regelmatig te ontwormen. Dit moet vaker gebeuren dan bij volwassen honden. Pups moeten ontwormd worden op 2, 4, 6, en 8 weken leeftijd, dit gebeurt normaal gesproken bij de fokker. Vervolgens elke maand ontwormen tot de pup een half jaar is. Het ontwormen van pups moet zo vaak omdat deze eigenlijk altijd besmet zijn met spoelwormen.
Als de pup een half jaar is geweest kunt u uw hond 4 x per jaar ontwormen. Mocht uw hond met kinderen in aanraking komen is het zeer aan te raden om het ontwormen goed bij te houden, omdat sommige wormen van uw hond ook besmettelijk kunnen zijn voor uw kinderen en u zelf.
Het is aan te raden om uw jonge hond in te laten enten. Deze moet op 6 weken leeftijd ingeënt worden tegen hondenziekte en parvo. Deze enting wordt normaliter bij de fokker gegeven. De tweede enting wordt gegeven op 9 weken leeftijd en is tegen parvo en de ziekte van weil. Tenslotte krijgt de pup op 12 weken leeftijd de laatste vaccinatie en deze wordt de cocktailenting genoemd. Let er op dat als u pup mee gaat naar het buitenland, deze tegen hondsdolheid geënt moet worden. Mocht u hond naar een plek gaan waar veel andere honden zijn is het aan te raden om de hond in te enten tegen kennelhoest. Voor vragen of advies kunt u contact op nemen met de praktijk.
De pups die bij ons geënt zijn krijgen op de leeftijd van een half jaar een oproep thuis gestuurd voor een gratis puppy- check up. Tijdens deze check up wordt uw pup gewogen en zal onze assistent uw pup nakijken. Deze check up gebeurt in principe op afspraak, wat inhoudt dat er dus ook voldoende tijd is om eventuele vragen te beantwoorden.
Geen mens is hetzelfde, zo ook niet een hond of kat. Dit geldt natuurlijk ook voor de voeding, er zijn altijd voorkeuren voor bepaalde soorten voer maar ook de leeftijd van het dier is van belang. Jonge snel groeiende honden hebben heel andere behoefte qua voeding dan oudere honden. Dierenartsenpraktijk Tubbergen heeft voor uw hond of kat een zeer uitgebreid assortiment voedingsproducten op maat. We beschikken over de "Royal Canin Vet Care Nutrition Range" en "Royal Canin dieet voeding".
De "Royal Canin Vet Care Nutrition Range" is een compleet assortiment voor pups en volwassen honden, welke reken houdt met de belangrijkste gezondheidsrisico's. NIEUW is dat deze voedingslijn onderscheid maakt tussen gecastreerde/gesteriliseerde en honden die dat niet zijn.
Daarnaast zijn er nog de speciale voeders voor dieren met huidklachten, nierafwijkingen, overgewicht etc. Deze "Royal Canin Veterinary diet range" is een lijn waarin de meest recente dieet-inovaties zijn verwerkt. Daarnaast onderscheiden de nieuwe dieetvoedingen zich door de uitstekende smaak,de hoge kwaliteit en de goede verteerbaarheid. Bij de ontwikkeling van deze voedingslijn is rekening gehouden met alle aspecten, die van belang zijn voor de gezondheid van uw huisdier: bevordering van het herstel en verbetering van het algemeen welzijn, een goede bouw, een stevig gebit en een mooie glanzende vacht. (Intensive Color System voor een optimale kleurintensiteit van de vacht.) Vraag ons ernaar en neem een folder mee.
Castratie van uw hond
Castratie is het verwijderen van de zaadballen of eierstokken. Castratie kan dus zowel bij mannetjesdieren (reuen) als bij vrouwtjesdieren (teven) plaatsvinden. Vaak spreken we van castrastie bij de reu en van sterilisatie bij de teef.
De reden dat honden gecastreerd worden kan verschillend zijn. Sommige honden worden om medische redenen gecastreerd. Maar veel vaker kiezen hondenbezitters er voor hun hond te laten castreren om ongewenst gedrag tegen te gaan. Castreren kan vanaf ongeveer zes maanden leeftijd.
Bij de castratie zal de dierenarts beide zaadballen, ook wel testikels genoemd, verwijderen. Dit gebeurt onder volledige narcose.
- Gecastreerde reuen lopen minder snel weg, omdat ze minder behoefte hebben om achter loopse teven aan te gaan.
- Ook worden reuen minder fel ten opzichte van andere reuen en hebben ze minder neiging om tegen iets of iemand op te 'rijden' of tegen iets aan te plassen.
- De ontsteking van de voorhuid waarvan veel reuen last hebben wordt na een castratie meestal minder ernstig.
- En de bij honden veel voorkomende goedaardige vergroting van de prostaat zal zich na een castratie niet meer voordoen.
- Castratie betekent een medische ingreep onder volledige narcose. Hoewel het risico heel klein is, brengt elke operatie een zeker risico met zich mee.
- Na de castratie heeft de reu de neiging om dik te worden. Het is dan ook erg belangrijk dat de hoeveelheid voeding wordt aangepast om zo obesitas (overgewicht) te voorkomen.
- Na de castratie kan de reu nog korte tijd vruchtbaar zijn omdat er nog sperma aanwezig is. Daarnaast duurt het zeker een week of zes voordat gedragsveranderingen zijn waar te nemen.
Sterilisatie van uw hond
De loopsheid van uw hond kan op verschillende manieren voorkomen worden. O.a. door de pil, prikpil of het definitief verwijderen van de eierstokken (castratie).
De loopsheid kan definitief beïindigd worden door de eierstokken van uw teef operatief te laten verwijderen. De hond kan dan ook niet meer drachtig worden. Tijdens de operatie beslist de dierenarts of de baarmoeder eveneens verwijderd moet worden. Dit gebeurt alleen als er afwijkingen aan te zien zijn.
- De teef wordt niet meer loops, dus ook geen kans op dracht of pups. Tevens heeft de hond geen last meer van schijnzwangerschap.
- Er is geen kans meer op baarmoederontsteking, dit is dus wel het geval als de hond de pil/prikpil krijgt. Als uw hond op jonge leeftijd gesteriliseerd wordt is de kans op melkkliertumoren veel kleiner.
- De kans op suikerziekte neemt af.
- Sterilisatie betekent een medische ingreep onder volledige narcose. Hoewel het risico heel klein is, brengt elke operatie een zeker risico met zich mee.
- Na de sterilisatie heeft de teef de neiging om dik te worden. Het is dan ook erg belangrijk dat de hoeveelheid voeding wordt aangepast om zo obesitas (overgewicht) te voorkomen.
- Sommige grote rassen kunnen last krijgen van incontinentie, dit geldt voor een zeer klein percentage. Mocht de hond last van dit probleem krijgen, dit is over het algemeen goed te verhelpen met medicijnen.
Mocht u uw dier mee willen nemen naar het buitenland, dan moet uw dier aan een aantal eisen voldoen. Een daarvan is het vaccineren van uw hond tegen Rabiës (hondsdolheid).
Meestal brengen honden en katten door middel van speeksel de infectie op de mens over. Daarom is vaccinatie, daar waar kans is op rabië
s, van groot belang. Eenmalige vaccinatie bij honden ouder dan 12 weken is voldoende om een langdurige immuniteit te geven. Daarna is het voor reizen binnen de EU voldoende als er elke 3 jaar opnieuw gevaccineerd wordt. Een aantal landen is vrij van rabiës en wil dit ook blijven. Vandaar dat zij strenge eisen (vaccinatie gevolgd door bepaling van afweerstoffen in bloed) stellen aan de toelating van dieren uit het buitenland. Andere landen stellen minder strenge eisen. Daarom is het belangrijk dat u, als u uw hond of kat mee wilt nemen naar het buitenland, tijdig bij uw dierenarts informeert over de eisen. In bepaalde gevallen (Scandinavische landen en Engeland) neemt de totale procedure minimaal een half jaar in beslag. Landen die geen lid zijn van de EU hebben hun eigen eisen voor de invoer van gezelschapsdieren. Hiervoor kunt u het beste contact opnemen met de ambassade van het betreffende land.
Belangrijk is ook dat een rabiësvaccinatie door veel landen pas 21 dagen na vaccinatie als geldig wordt beschouwd.
Vanaf 2004 gelden voor het vervoer van honden, katten en fretten binnen de Europese Unie de volgende algemene regels:
- Alle dieren moeten in het bezit zijn van een Europees paspoort. (vraag uw dierenarts)
- De dieren moeten gevaccineerd zijn tegen Rabiës (hondsdolheid)
- De dieren moeten geïdentificeerd zijn. (leesbare tatoeage of chip)
Als de papieren van het gezelschapsdier niet in orde zijn, kan de douane het dier aanhouden. De gevolgen kunnen zijn:
- Het dier wordt onder officieel toezicht (in quarantaine) geplaatst totdat het voldoet aan de gezondheidsvoorschriften.
- Het terugzenden van het dier naar het land van herkomst.
Voor de meeste mensen is het vanzelfsprekend dat hun hond af en toe mee gaat in de auto. Voor een hond is het echter helemaal niet zo natuurlijk. Er wordt zelfs gezegd dat een op de zes honden last heeft van wagenziekte.
Wagenziekte bij honden kan een lastig probleem zijn wanneer u uw hond mee wil nemen in de auto. Onrustig gedrag, kwijlen, gapen, misselijkheid en braken maken de reis voor u en uw hond erg onaangenaam. Uw hond gaat de wagenziekte ook associëren met uw auto, en wil dan ook eigenlijk helemaal niet meer mee. Leuke uitjes met de auto worden onmogelijk.
Wagenziekte bij de hond wordt net als bij mensen veroorzaakt door het verstoord raken van het evenwichtsorgaan. Maar tevens spelen angst en opwinding een rol. Om dat laatste te voorkomen zal een pup moeten leren wennen aan auto rijden. Dat hoort bij zijn opvoeding. Geef hem een vaste, veilige plek in uw auto en begin met hele kleine afstandjes.
Uw rijstijl is ook van belang. Rustig rijden zonder heftig optrekken en remmen, en kalm door de bochten gaan, kunnen uw hond helpen. Rook niet in de auto en zorg voor frisse lucht.
Mocht dit alles niet baten dan is er een middel in tabletvorm verkrijgbaar bij uw dierenarts. Dit middel is ter preventie van braken veroorzaakt door reisziekte. Het maakt de hond niet slaperig maar werkt op het braakcentrum in de hersenen waardoor de hond niet gaat braken. De werkzaamheid houdt in ieder geval 12 uur aan. Uw dierenarts kan u verder adviseren omtrent dit middel.
